Zakelijke inkomens met/zonder correctie

“Bij het bepalen van een zakelijk inkomen komt meer kijken dan alleen het middelen van de fiscale winst over de afgelopen drie jaren. Denk bijvoorbeeld aan zaken als bijtelling van de auto bij privégebruik  en aflossingsverplichtingen. Maar ook de levenscycli van de onderneming en de ontwikkelingen in de branche tellen mee. Daarnaast is het belangrijk dat een ondernemer ook  voldoende buffers in de onderneming  heeft. Dit kan zijn in de vorm van werkkapitaal en het eigen vermogen voor het opvangen van eventuele tegenvallers. Voor een hypotheekaanvraag wil je een verantwoord en bestendig inkomen bepalen. Je wilt voorkomen dat een ondernemer knel komt te zitten door zijn  maandlasten.”

De rekenvoorbeelden hieronder laten zien waar je op moet letten bij het berekenen van een bestendig zakelijk inkomen.

Aflossingsverplichtingen met correctie

Regel 1: Bij het bepalen van het bestendige zakelijke inkomen van een IB-ondernemer wordt in de basis gekeken naar het gemiddelde saldo fiscale winstberekening van de afgelopen 3 jaren. Met als maximum het saldo fiscale winst van het laatste jaar.

Regel 2: Indien de aflossingsverplichting lager of gelijk is dan de gemiddelde afschrijving vindt er geen correctie plaats met betrekking tot de aflossingsverplichtingen. Wanneer de aflossingsverplichting hoger is dan de gemiddelde afschrijving vindt er wel een correctie plaats.

Uitgangspunten:

  • De klant heeft een eenmanszaak.
  • Viswinkel bestaat sinds 2010.
  • De winst in 2017 is € 50.000. In 2016 is deze € 48.000. In 2015 is de winst € 48.000.
  • De afschrijvingen in 2017 bedragen € 20.000. In 2016: €25.000 en in 2015: € 27.000.
  • De aflossingsverplichtingen in 2017 zijn € 40.000. In 2016: € 45.000 en in 2015
    € 47.000.
  • Resterende hoofdsom langlopende lening € 300.000.

    De berekening:

    Het gemiddelde toetsinkomen van deze ondernemer bedraagt:
    € 50.000 + € 48.000 + € 48.000 : 3 = € 48.666.

    De gemiddelde aflossingsverplichting bedraagt:
    € 40.000 + € 45.000 + € 47.000: 3 = € 44.000.

    De gemiddelde afschrijving bedraagt:
    € 20.000 +  €25.000 + € 27.000: 3 = € 24.000

    “De gemiddelde aflossingsverplichting ligt € 20.000 hoger dan de gemiddelde afschrijving. Dit verschil wordt gecorrigeerd op het bestendige toetsinkomen. De ondernemer heeft door de hogere aflossingsverplichting immers minder middelen om zijn woonlasten van te betalen.”

    De bijtelling van auto zonder correctie

    Regel 1: Bij het bepalen van het bestendige zakelijke inkomen van een IB-ondernemer wordt in de basis gekeken naar het gemiddelde saldo fiscale winstberekening van de afgelopen 3 jaren. Met als maximum het saldo fiscale winst van het laatste jaar.

    Regel 2: Indien de aflossingsverplichting lager of gelijk is dan de gemiddelde afschrijving vindt er geen correctie plaats met betrekking tot de aflossingsverplichtingen. Wanneer de aflossingsverplichting hoger is dan de gemiddelde afschrijving vindt er wel een correctie plaats.

    Uitgangspunten:

    • De klant heeft een eenmanszaak
    • Het bouwbedrijf bestaat sinds 2008.
    • De winst in 2017 is € 55.000. In 2016 is deze € 45.000. In 2015 is de winst € 38.000.
    • De bijtelling voor de auto van de zaak is als jaarlijkse kostenpost van € 4.000 opgenomen in de jaarcijfers en verrekend in het saldo fiscale winstberekening.

      De berekening:

      Het gemiddelde toetsinkomen van deze ondernemer zonder correctie van de auto van de zaak bedraagt:
      € 55.000 + € 45.000 + € 38.000 : 3 = € 46.000.

      Moet de bijtelling van de auto van de zaak gecorrigeerd worden op het toetsinkomen? Optie a. Ja: € 46.000 - € 4.000 = € 42.000.
      Optie b. Nee: € 46.000 - € 0 = € 46.000.

      “In dit rekenvoorbeeld corrigeert BLG Wonen de auto niet, omdat de bijtelling ten opzichte van de winst kleiner is dan 20%. Het toetsinkomen wordt dus op € 46.000 vastgesteld.

      Wanneer een auto van de zaak zowel privé als zakelijk wordt gebruikt, zou een correctie een dubbele belasting zijn. De autokosten van het privé rijden worden immers al opgenomen in de jaarcijfers van de onderneming.” Indien de bijtelling groter is dan 20% dan wordt deze wel gecorrigeerd. Dit doen wij omdat het dan niet meer in verhouding staat.

      Conclusie

      “We moeten ons niet blind staren op het saldo fiscale winst. Het is belangrijk dat je naar de hele jaarrekening en de beschikbare kasstroom kijkt. Wat is er daadwerkelijk beschikbaar om de woonlasten mee te kunnen voldoen? Door de cijfers van de onderneming goed te analyseren en interpreteren voorkom je teleurstellingen voor je klant.”

      “Daarnaast kan je als adviseur je toegevoegde waarde laten zien, door vragen te stellen over zaken die je opvallen. Bijvoorbeeld als een ondernemer een privéauto heeft, maar ook in zijn zakelijke auto af en toe privé rijdt. De volledige bijtelling voor het privé gebruik van de zakelijke auto is dan van toepassing. In dergelijke gevallen kan het interessant zijn om de zakelijke auto helemaal niet meer privé te rijden waarmee de bijtelling komt te vervallen.”

      Meer weten?
      Wilt u meer weten over correcties bij zakelijke inkomens?  Onze rayon-  en accountmanagers vertellen u graag meer over de werkwijze. Ook op BLG Plaza kunt u meer informatie vinden.

      Met dit artikel wil BLG Wonen een kennisuitwisseling over de mogelijkheden binnen de acceptatienormen stimuleren. Financieringsmogelijkheden voor aanvragen zijn echter situatie afhankelijk en vragen om maatwerk. BLG Wonen bekijkt elke hypotheekaanvraag individueel. Zodoende kunnen er aan de bespreking van de bovenstaande rekenvoorbeelden geen rechten ontleend worden.