Voorwaarden rente vooruit betalen

  • Je mag maximaal zes maanden rente vooruitbetalen;
  • Je kunt geen rente vooruitbetalen van je overbruggingskrediet;
  • Je kunt geen rente vooruitbetalen als je een variabele rente en/of VariRust hebt;
  • Over vooruitbetaalde bedragen vergoeden wij geen rente;
  • Het vooruitbetaalde rentebedrag brengen wij in mindering op de incasso van maximaal de eerste zes maanden van het volgende kalenderjaar;
  • De vooruitbetaalde rente staat niet op je jaaropgave en geven wij ook niet door aan de Belastingdienst. Aan de hand van jouw bankafschrift kun je de vooruitbetaalde rente aantonen bij de Belastingdienst;
  • Gedurende de periode van de vooruitbetaalde rente kan er geen extra aflossing, rentemiddeling, tariefklasse aanpassing of voortijdige renteherziening plaatsvinden op je hypotheek. Door de benoemde mutaties wordt namelijk het maandelijkse rentebedrag aangepast op jouw hypotheek en hierdoor betaal je wellicht meer dan de maximale zes maanden de rente vooruit;
  • Heb je een hypotheek met een bouwdepotrekening? Dan kan de rente niet vooruitbetaald worden:
  • Als je rente vooruitbetaalt, heeft dit impact op de aangifte inkomstenbelasting in het jaar van betaling, maar ook in de aangifte inkomstenbelasting van het daarop volgende jaar. Je mag de vooruitbetaalde rente maar één keer in aftrek brengen.
  • Je ben zelf verantwoordelijk voor het doorgeven van het juiste bedrag in jouw aangifte inkomstenbelasting.

Hoe verwerk je de vooruitbetaalde rente in de aangifte Inkomstenbelasting?

In het fiscale jaar van betaling van de vooruitbetaalde rente dien je zelf in je aangifte de op de jaaropgave vermelde rente te verhogen met de vooruitbetaalde rente. In het daarop volgende fiscale jaar dien je zelf in je aangifte de op de jaaropgave vermelde rente te verlagen met de vooruitbetaalde rente die je al het voorgaande jaar had meegenomen in de aangifte inkomstenbelasting.

Voorbeeld:

2021: vooruitbetaalde rente € 2.000 over de eerste zes maanden van 2022

2022: geen vooruitbetaalde rente, maar wel herstel van vooruitbetaalde rente uit het vorige jaar.

In de aangifte over 2021 (die je in 2022 doet) verhoog je de op de jaaropgave vermelde rente met de vooruitbetaalde rente over 2022 (€ 2.000).

In de aangifte over 2022 (die je in 2023 doet) verlaag je de op de jaaropgave vermelde rente met de vooruitbetaalde rente over 2022 (€ 2.000).

Als je twee of meer opeenvolgende fiscale jaren de rente vooruitbetaalt, dien je eerst de op de jaaropgave vermelde rente te verminderen met de vooruitbetaalde rente van het vorige fiscale jaar en vervolgens te verhogen met de vooruitbetaalde rente van het huidige fiscale jaar.

Voorbeeld:

2021: vooruitbetaalde rente  € 2.000 over de eerste zes maanden van 2022

2022: vooruitbetaalde rente € 1.900 over de eerste zes maanden van 2023.

In de aangifte over 2021 (die je in 2022 doet) verhoog je de op de jaaropgave vermelde rente met  de vooruitbetaalde rente over 2022 (€ 2.000).

In de aangifte over 2022 (die je in 2023 doet) verlaag je de op de jaaropgave vermelde rente met de vooruitbetaalde rente over 2022 (€ 2.000) en verhoog je deze weer met de vooruitbetaalde rente over 2023 (€ 1.900).